Twee linkse Amerikaanse politieke commentatoren, Cenk Uygur en Hasan Piker, mochten begin juni het Verenigd Koninkrijk niet binnen om te spreken op publieke evenementen. De Britse Home Office trok hun elektronische reistoelatingen (ETA) in met de mededeling dat hun aanwezigheid 'niet bevorderlijk voor het algemeen belang' zou zijn. De regering gaf geen gedetailleerde publieke motivering voor de beslissing. Wel is duidelijk dat de controverse draait rond hun uitgesproken kritiek op Israël en hun eerdere uitspraken over Gaza, Hamas en antisemitisme.
Cenk Uygur, Gage Skidmore from Surprise, AZ, United States of America, CC BY-SA 2.0, via Wikimedia Commons
Hasan Piker, Morgan.rice.bassline.design, CC BY 4.0, via Wikimedia Commons
Uygur is de oprichter en presentator van The Young Turks, een progressief Amerikaans online mediakanaal. Hij wordt door critici beschuldigd antisemitische stereotypen te verspreiden in zijn kritiek op Israël, maar houdt zelf vol dat zijn commentaar gericht is op de invloed van Israël op het Amerikaanse buitenlandbeleid. Piker, een van de bekendste linkse streamers op Twitch, kreeg eerder kritiek voor provocerende uitspraken, onder meer over 9/11 en Hamas. Hij ontkent antisemitisch te zijn en omschrijft zijn positie als anti-Israël, niet anti-Joods.
'Vrije meningsuiting vereist geen visum'
De twee zouden spreken op SXSW London en aan de Oxford Union, de prestigieuze debatvereniging van Oxford. SXSW London besloot geen alternatief te voorzien nadat duidelijk werd dat Uygur en Piker het land niet binnen mochten. De Oxford Union besloot besloot het tweetal te laten deelnemen via livestream. Voorzitter Arwa Elrayess verdedigde die beslissing principieel. De Oxford Union is volgens haar gebouwd op het idee dat opvattingen door debat worden uitgedaagd. 'Vrije meningsuiting vereist geen visum', zei Elrayess.
De Britse beslissing kreeg kritiek van organisaties die zich inzetten voor burgerrechten en vrije meningsuiting. Jemimah Steinfeld, CEO van de Index on Censorship en zelf Joods, zei dat het misschien lastig is om vrije meningsuiting te verdedigen voor sprekers wier opvattingen men afkeurt of die zelfs in complotdenken of haatdragende retoriek kunnen overgaan. Toch is dat volgens haar precies de inzet: een samenleving kan meningen niet selectief toelaten op basis van smaak of politieke voorkeur. Dat betekent niet dat alle uitingen zomaar aanvaardbaar zijn, maar wel dat de drempel om iemand op die basis de toegang tot het Verenigd Koninkrijk te weigeren bijzonder hoog moet liggen. Bovendien, stelde Steinfeld, moet de regering volledig transparant zijn over haar motieven en dat is ze in deze zaak volgens haar niet geweest.
'Als politieke controverse voldoende wordt om toegang tot een debatruimte te blokkeren, verschuift de macht over het publieke gesprek van het publiek naar de overheid'
Ook Akiko Hart, directeur van Liberty, de Britse burgerrechtenorganisatie die opkomt voor fundamentele vrijheden en bescherming tegen overheidsmacht, bekritiseerde de beslissing. Zij vroeg de regering om transparant te zijn over de redenen voor zulke inreisverboden. Vrijheid van meningsuiting kan volgens Hart alleen bestaan wanneer die ook wordt verdedigd voor mensen met wie men het oneens is, 'hoe ongemakkelijk dat ook aanvoelt'.
De zaak is opvallend omdat ze het gebruikelijke beeld van cancelcultuur doorbreekt. Hier gaat het niet om conservatieve sprekers die door progressieve studenten worden geweerd, maar om twee linkse commentatoren die door de staat worden buitengesloten.
De vraag is dus niet of Uygur en Piker gelijk hebben en of hun uitspraken moreel verdedigbaar zijn. De vraag is of een democratische staat controversiële politieke stemmen mag weren met een beroep op het 'algemeen belang', zonder uit te leggen wat dat precies inhoudt. In een tijd waarin debatten over Israël, Gaza en antisemitisme steeds sneller verharden, is die vraag urgenter dan ooit. Want als politieke controverse voldoende wordt om toegang tot een debatruimte te blokkeren, verschuift de macht over het publieke gesprek van het publiek naar de overheid.
Dr. Astrid Elbers
Universiteit Antwerpen
De auteur is kernlid van Hypatia