Interne mail onthult: Sigrid Sterckx stuurde vakgroep aan tegen Cofnas

Gepubliceerd op 1 september 2026 om 16:41

*Dit artikel verscheen eerder in Doorbraak en werd overgenomen met toestemming van de hoofdredacteur.  

Een interne mail die Doorbraak kon inkijken, toont dat de strijd tegen de recent geschorste Nathan Cofnas aan de UGent al maanden vóór de zaak-Arday was ingezet. Binnen zijn vakgroep werd actief aangestuurd op meldingen tegen hem, met als doel zijn aanstelling terug te draaien.

Nathan Cofnas, ©NC

De UGent heeft postdoctoraal onderzoeker Nathan Cofnas preventief geschorst tot en met vrijdag 28 augustus, zoals Doorbraak eerder schreef. Tegen Cofnas was al enige tijd een heksenjacht bezig. Zelfs het huzarenstukje waarmee hij Cambridge-hoogleraar onderwijssociologie Jason Arday ontmaskerde, volstond niet om hem aan de UGent in zijn eer te herstellen. Integendeel. De dood van Arday lijkt de druppel te zijn geweest die de emmer deed overlopen.

Niet neutraal

Maar een interne mail van eind mei, die onze redactie kon inkijken, werpt een nog veel verontrustender licht op de manier waarop de UGent met Cofnas omging dan tot nu toe werd aangenomen. Collega’s die een probleem hadden met zijn aanstelling werden niet louter neutraal doorverwezen naar de juiste kanalen om hun ongenoegen te uiten. Binnen de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap werd expliciet aangestuurd op meldingen over Cofnas. De mail werd op 27 mei verstuurd naar zowat alle vakgroepleden door professor Sigrid Sterckx, hoogleraar ethiek en politieke en sociale filosofie aan de UGent, en meeondertekend door Clemence Van Ginneken, Dorian Accoe, Stef Bracke, Veerle Provoost, Emilie Vanmeerhaeghe en Jana De Kockere.

'Met deze meldingen willen we de ruggensteun van het leiderschap van de rector versterken om actie te ondernemen tegen die aanwerving'

De mail bevatte ‘een voorstel voor het indienen van een melding over de negatieve effecten op het welzijn van leden van onze vakgroep naar aanleiding van de aanwerving van dr. Nathan Cofnas’. Bovendien kregen collega’s de pap in de mond: er werd een tekst meegestuurd die zij konden gebruiken ‘als basis voor het indienen van een melding’, samen met een handleiding over de verschillende meldingsopties en wat zij na indiening konden verwachten.

Pers

Nog frappanter is de volgende passage: ‘Op basis van het gesprek van de rector met de vakgroep op 17 april willen we met deze meldingen de ruggensteun van het leiderschap van de rector versterken om actie te ondernemen tegen die aanwerving. De rector moedigde ons expliciet aan om alle institutionele wegen te gebruiken die tot onze beschikking staan!’ Niet alleen Sterckx en de andere ondertekenaars stuurden dus duidelijk aan op meldingen over Cofnas, ook rector Petra De Sutter zelf was volgens deze mail allerminst een neutrale partij.

Dat lijkt moeilijk te verzoenen met De Sutters eerdere communicatie in de pers. Daar uitte zij haar bezorgdheid over de uitspraken van Cofnas, maar tegelijk benadrukte zij dat zijn aanstelling correct was verlopen. Eind mei werd in de media bovendien bekendgemaakt dat er na de zomervakantie een ‘open forum’ georganiseerd zou worden aan de UGent om in dialoog te gaan over de omstreden aanstelling van Cofnas en de toepassing van de deontologische code van de universiteit. De Sutters schijnbaar neutrale houding naar de buitenwereld toe lijkt dus moeilijk te rijmen met wat volgens de mail op 17 april binnenskamers werd gezegd.

'Dit is gewoon wat elke verantwoordelijke en betrokken persoon in een leiderschapsfunctie zou doen'

Rector De Sutter en Sigrid Sterckx werd om reactie gevraagd; enkel Sigrid Sterckx reageerde. Volgens haar is er geen enkele tegenspraak tussen wat de rector in de pers verklaarde en de mail van 27 mei. ‘De rector is ons komen informeren met een heel uitvoerig gesprek en heeft alle tijd genomen om onze vragen te beantwoorden. Natuurlijk heeft zij ook onze vragen over verschillende procedures beantwoord, en heeft zij vermeld dat wij die zeker kunnen gebruiken. Dit is gewoon wat elke verantwoordelijke en betrokken persoon in een leiderschapsfunctie zou doen, die vertrouwen heeft in de bestaande procedures en die niet bang is om werknemers te informeren over hun democratische rechten binnen en buiten de organisatie’, aldus Sterckx.

Deontologische meldingsplicht

Later stuurde zij ons nog een tweede bericht waarin zij haar eerdere mail plots sterk nuanceerde. Dat doet uiteraard de wenkbrauwen fronsen: wat de rector werkelijk gezegd zou hebben, was: ‘Als jullie denken dat er overtredingen zijn van het reglement, dan spoor ik jullie aan om de geijkte procedures te volgen en dit te melden via de bestaande kanalen.’

‘Dit is trouwens helemaal in lijn met de deontologische meldingsplicht die wij hebben’, aldus Sterckx. De rector deed volgens haar precies wat ze moest doen: waarschuwen geen domme dingen te doen in het kader van het verzet tegen de aanstelling van Cofnas en de zaken correct te behandelen via de bestaande kanalen.

'Een en ander doet vermoeden dat de commotie rond de dood van Arday slechts een drogreden was om Cofnas de genadeslag te geven'

Interessant detail is dat het net Sigrid Sterckx was die eerder in de pers al had aangekondigd dat de vakgroep zich zou verzetten als Cofnas — op dat moment al haar collega — daadwerkelijk op de UGent zou verschijnen en een bureau zou opeisen. Op de vraag: ‘Wat als die hier volgende week binnenloopt en een bureau zoekt?’, antwoordde zij: ‘Wel, daar zal de vakgroep zich tegen verzetten. (…) Hoe, dat gaan we op dat moment wel zien.’

Genadeslag

Een en ander doet vermoeden dat de commotie rond de dood van Arday slechts een drogreden was om Cofnas de genadeslag te geven. Cofnas is een klokkenluider. En klokkenluiders moeten beschermd worden. Dat zegt de European Code of Conduct for Research Integrity van ALLEA, een van de belangrijkste Europese referentiekaders voor wetenschappelijke integriteit.

Ook Bill White, Amerikaans ambassadeur in België, had het op X over 'accurate whistleblower reporting' en veroordeelde 'in de sterkst mogelijke bewoordingen de vergelding van de Universiteit Gent tegen een Amerikaanse wetenschapper'.

Wanneer een universiteit kort na een integriteitsmelding maatregelen neemt tegen een melder, moet zij extra zorgvuldigheid aan de dag leggen, zoals ook filosofen Patrick Loobuyck en Andreas De Block schrijven in De Morgen. Anders ontstaat al snel de indruk dat de melding en de publieke commotie die erop volgde aanleiding zijn om de melder zelf onder het vergrootglas te leggen. In dit dossier kunnen we ons bezwaarlijk nog van die indruk ontdoen.

 

Dr. Astrid Elbers

Universiteit Antwerpen

De auteur is kernlid van Hypatia